Barcelona

Zo’n negen jaar komen Irene, onze dochters Nisha en Beau, en ik al in Barcelona. Meerdere keren per jaar. Het had tien jaar ‘moeten’ zijn maar een goedaardige tumor en bijna een jaar rolstoel stelde onze eerste trip naar Barca met een jaar uit. Maar toen we eindelijk in de gelegenheid waren om te gaan, tja, toen waren we ook meteen verknocht aan deze prachtige stad.

Eerlijk is eerlijk, het is geen New York, de stad waar ik mijn hart aan verpand heb maar het is een goede tweede. Voor Irene ligt dat anders, het voelt voor haar als een tweede thuis. Het is onze droom om ooit naar deze stad te verhuizen. Maar waarom dan vraag je je wellicht af. Het is simpel eigenlijk. Je hebt er vrijwel alles wat wij plezierig vinden. Het klimaat is natuurlijk prima, wij houden er van, want je leeft er meer buiten. Je bent in de stad en kunt toch zo naar het strand of de bergen in. Er zijn moderne ‘shopping centra’ en moderne architectuur afgewisseld met prachtige oude gebouwen. De sfeer is prima en de mensen zijn vriendelijk. Je kunt er heerlijk eten en … ach ik kan nog doorgaan maar het lijkt me duidelijk waarom wij er graag zijn.

In verband met COVID-19 was het al ruim anderhalf jaar onmogelijk om te gaan. Deze zomer lukte het eindelijke weer. Een maand lang hadden we een appartement gehuurd. Het gaf mij de mogelijkheid om eerst een paar dagen ’thuis’ te werken en daarna kwam Irene en konden we samen drie weken lang genieten van een vakantie. En ja je leest het goed, samen, zonder de kinderen en dat voor het eerst in 20 jaar.

Omdat ik ook enige dagen alleen was om te werken had ik ook wat extra tijd voor mezelf om te fotograferen. Het mooie aan ’tijd en plaats onafhankelijk’ werken is dat mijn kantoordagen niet perse meer van 8 tot 17 zijn. Ik kan gerust wat later beginnen om ook die ‘gemiste’ uren later op de dag weer ‘in te halen’ om het zo maar te zeggen. Op die manier was ik in staat om op mooie tijdstippen prachtige foto’s te maken of om naar plekken te gaan waar ik niet naar toe zou gaan als ik met ons gezin zou zijn. Kortom, ik heb ook weer nieuwe en andere dingen ontdekt in de stad.

Op naar de volgende keer naar wellicht meer nieuw te ontdekken plekjes in de stad.

Of buiten de stad want daar is prachtige natuur, zijn er fraaie dorpjes en imposante rotspartijen.

Het zit in de genen!

Mijn eerste kennismaking

Zeker drie generaties lang al houdt onze familie zich bezig met fotografie. Het begon, althans in mijn herinnering, met mijn vader. Hij was een fervent hobby-fotograaf die eigenlijk het liefst dia’s maakte. Dia’s, de jeugd zal het wel niets zeggen. Vakantiefoto’s waren het vooral. En die foto’s moesten natuurlijk tijdens familie avonden op een groot scherm worden geprojecteerd. Tijdens de vakanties ‘pikte’ ik papa’s oude camera meestal in en dan kreeg ik vaak een filmrolletje. 120 rolfilm om precies te zijn. Hij leerde me daarmee de kneepjes van het vak.

Van analoog naar digitaal

In de jaren erna, en vooral na het vroegtijdige overlijden van mijn vader in 1980, kwam en ging de liefde voor fotografie. Helemaal weg was het nooit. Ik verhuisde eind jaren ’80 voor mijn studie en basketbal carrière naar de Verenigde Staten. De laatste camera die mijn vader ooit kocht ging mee. Na ruim een jaar in de VS besloot ik in New York de mechanische Zenit-E (Special edition Moskva 80 Olympic Games) te vervangen door een electronisch exemplaar. Het werd de Canon EOS Rebel (in Nederland bekend als de Canon EOS 100).

Oprichten eigen bedrijf

Na mijn terugkeer naar Nederland in de begin jaren ’90 verdween ook de EOS 100 weer in de kast. Sporadisch kwam de camera er uit tevoorschijn. Dit bleef zo totdat ik in 2001 met Irene trouwde en er niet veel later kinderen kwamen. Onze eerste dochter, Noa, kwam in 2002 ter wereld in een nog overwegend analoog tijdperk. De digitale fotografie had weliswaar zijn intrede gemaakt maar was qua prijs nog niet heel toegankelijk. Omdat het fotograferen van onze telg toch erg leuk bleek, en digitale camera’s steeds betaalbaarder, maakte ik de overstap naar digitaal. Eerst een compact modelletje. Tegen de tijd dat onze tweede dochter, Beau, in 2006 werd geboren had ik flink geïnvesteerd in een digitale spiegelreflex camera. Wat was dat prachtig, prima kwaliteit en meteen de resultaten bekijken. De camera was vanaf dat moment niet meer uit mijn leven weg te denken. Zo zeer zelfs dat ik in 2007 besloot Paul Faber Fotografie op te richtte. Mijn eigen freelance fotografie bedrijfje.

Dochter Nisha toont interesse

Nu, 13 jaar na de oprichting, fotografeer ik nog altijd. Mijn ‘echte’ baan laat het qua tijd helaas nauwelijks toe om het bedrijfje te handhaven. Betaalde opdrachten beperken zich inmiddels tot een minimum. Desondanks heb ik toch onlangs weer een nieuwe camera gekocht. Het is tenslotte toch ook gewoon een hobby en dat mag geld kosten, toch? De Canon EOS 5d mark 4 is mijn nieuwe paradepaardje. Het vorige model, de 5d mark 3, heb ik voor een schappelijke prijs overgedaan aan mijn dochter Noa. Ze noemt zich inmiddels Nisha, naar haar derde voornaam.

Waarom heb ik die prima 5d mark 3 dan aan haar verkocht als je toch niet veel meer fotografeert hoor ik je denken!? Op zich een terechte vraag, maar op haar 16e vertrok dochterlief voor een ‘exchange year’ naar de VS en op één of andere bijzondere wijze is ze daar ook besmet geraakt met het fotografie-virus, de titel van deze blog deed het al vermoeden. Ze meldde zich aan voor het ‘yearbook project’, iedere Amerikaanse Highschool kent dat wel, groepjes scholieren die in deelprojecten een jaarverslag maken met foto’s, interviews en verkiezingen als ‘student most likely to succeed’. Ze besloot om foto’s te maken gedurende het jaar en zo gebeurde het dat ze me op een gegeven moment belde met de mededeling dat ze zich graag wilde inschrijven voor de opleiding fotografie. En zo geschiedde het.

Opleiding tot fotograaf

Inmiddels zit Noa, of Nisha, in het tweede jaar van haar opleiding en ze vindt het geweldig. Ze werkt daarnaast in een fotostudio en ze is sinds kort haar eigen ‘bedrijfje’ gestart, Nisha Faber Photography. Engels (lees: Amerikaans) want ze denkt GROOT en wil fashion photographer worden voor het bekende modeblad Vogue USA. Wonen en werken in New York hoort daar natuurlijk bij.

Ben jij nu ook een beetje nieuwsgierig geworden naar haar talenten, want dat ze getalenteerd is staat wel vast en ze is bovendien creatiever dan haar vader, klik dan op onderstaande foto van haar website om haar werk te leren kennen.

Aardig detail overigens is dat mijn zus ook fanatiek fotografeert en ook haar oudste dochter zit in het creatieve vak, ze studeerde af aan de Academie Minerva, en fotografeert ook met enige regelmaat. Bedankt papa, het zit in de genen!

New York City

Gemiddeld zo eens in de twee jaar heb ik het genoegen om in mijn eentje op vakantie te gaan. Het liefst naar mijn favoriete stad, New York. Heerlijk wandelen met de camera op mijn heup, op zoek naar mooie plekjes, mooie mensen en mooie momenten. Afgelopen week was het weer zover en zo rond begin maart is het altijd even afwachten wat het weer doet. Al vaker ging ik in deze periode en de laatste twee keer was het niet best. In 2015 waren het arctische temperaturen die overdag rond de -18 schommelden en in 2010 kwam ik in de “nor’easter” terecht, een noord oostelijke winterstorm of snowicane, die in amper drie dagen tijd op sommige plekken ruim 50(!) centimeter sneeuw over de stad heen dumpte.

Deze keer zat het mee. Er lag hier en daar nog sneeuw van een aantal dagen ervoor, soms was het waterkoud, maar het was droog. Het was prima te doen. Kortom de weergoden waren me goed gezind.

Ik had mezelf de opdracht gegeven om thuis te komen met een drieluik met zwart/wit foto’s voor aan de muur. Het moest duidelijk New York zijn met daar waar mogelijk beweging in het beeld. Hoewel er meerder foto’s aan mijn eisen voldoen zijn de onderstaande foto’s de meest betekenisvolle foto’s geworden. Ik ben er in ieder geval tevreden mee.